Hoe lang staat een huuradvertentie online voordat hij verdwijnt? Mediaan 14 dagen: de helft is binnen twee weken weg. Maar waar je zoekt bepaalt hoeveel tijd je hebt, van 10,1 d in Limburg tot 19,0 d in Zeeland. En woningen onder €1.500 verdwijnen sneller dan duurdere.
Time-to-rent meet hoe lang een advertentie zichtbaar blijft voordat ze verdwijnt. Eén landelijk mediaangetal verbergt de regionale verschillen: betaalbaar aanbod in Limburg, Noord-Holland, Groningen en Utrecht is binnen twaalf dagen weg, het brede middenveld zit rond de twee weken, en Zeeland doet er met bijna drie weken het langst over.
Prijs, compliance en aanbod meten wat verhuurders adverteren. TTR meet wat huurders doen. Een listing verdwijnt omdat iemand erop reageert en de woning krijgt. TTR is de enige meting in dit rapport die marktgedrag toont.
TTR is een drukte-meter, geen prijssignaal. In de G4 gaan zowel betaalbare als overprijsde listings snel weg, simpelweg omdat er meer zoekers per listing zijn. Een listing die binnen drie dagen weg is, hoeft geen goede deal te zijn. Het zegt alleen dat er genoeg zoekers waren.
Voor huurders is de implicatie concreet: nationaal verdwijnt 50% binnen 14 dagen, en een kwart al binnen 6. Reageer je niet in de eerste week, dan vis je bij het snelste kwart van de markt achter het net.
Formeel mag een modaal-single een beperkt deel van het aanbod aanvragen (Sectie 3). In de praktijk daalt dat: in de Randstadprovincies en Limburg verdwijnt aanbod binnen twee weken, dus de keuze beperkt zich tot wat op één moment zichtbaar is. Effectieve toegankelijkheid voor een actieve zoeker ligt fors lager dan de headline.
Twee weken reactietijd discrimineert niet alleen op draagkracht maar ook op beschikbaarheid. Huurders die overdag werken, kinderopvangverplichtingen hebben of meerdere banen combineren, zien aanbod voorbijgaan voordat ze kunnen reageren.
Geografisch loopt het uiteen: Limburg verhuurt betaalbaar aanbod rond de tien dagen, Noord-Holland, Groningen en Utrecht rond de elf, gevolgd door een middenveld van dertien tot vijftien dagen (Zuid-Holland, Flevoland, Gelderland, Overijssel, Noord-Brabant, Fryslân), terwijl Drenthe oploopt naar zestien dagen, met Zeeland als traagste op 19.
Het snelste segment: €750–€1.000, mediaan 11,0 dagen, op de voet gevolgd door de starterssegmenten rond de middenhuurgrens (€1.000–€1.500: 11,4–11,7 dagen) en alles onder €750 (11,8). Alles tot €2.000 blijft binnen ruim twee weken; daarboven loopt de tijd op, naar bijna drie weken tussen €2.000 en €2.750 en vier weken daarboven. De 78:1 ratio uit Sectie 1 is een landelijk gemiddelde. Het Nederlandse tekort is een mismatch: het aanbod ligt niet waar de zoekers willen wonen.
Kamers volgen een eigen tempo. Landelijk: 10 dagen mediaan voor kamers, sneller dan zelfstandige woonruimte (15). De spreiding tussen regio's is bij kamers wél veel groter. Twee factoren sturen de kamer-TTR. Ten eerste sociale selectie: kamerverhuur draait op bezichtigingen, huisgenoten die meebeslissen en informele screening. Dat kost tijd die bij een appartement met digitale inschrijving wegvalt.
Ten tweede platformafhankelijkheid: ruim 70% van het kameraanbod staat op één platform (Kamernet), en onze TTR meet wanneer de advertentie verdwijnt. Dat hangt mede af van hoe snel de verhuurder de listing offline haalt na verhuur; advertenties die op hun ±30-dagen-verloopdatum verdwijnen tellen niet mee als verhuring (sectie 10). In Limburg is een kamer mediaan binnen een week weg; de meeste provincies zitten rond de elf à dertien dagen. Drenthe komt uit op negentien, maar op 30 kamers, precies de ondergrens; die mediaan is onzeker. Voor Zeeland is de steekproef te klein voor een betrouwbare mediaan.
Dit is één hoofdstuk. Het hele onderzoek (prijzen, betaalbaarheid, WWS-naleving, snelheid en geografie over maart–mei 2026) is gratis en vrij te citeren met bronvermelding.